De kilometers tellen op en af …

Omdat velen al lang niet meer weten wat we precies allemaal gedaan hebben en wat we in grote lijnen bezocht hebben, geven we met plezier een klein overzichtje om ons relaas mee af te sluiten. Alles vloeide naadloos in elkaar over, panta rhei, maar laat ons voor het gemak toch tot een knipactie van een aantal grote etappes overgaan.

Onze eerste etappe: de groooote oversteek met Loya

1 g

img vertrek

 

Onze tweede etappe: Venezuela, de Guyana’s en de Amazone

2

IMG_2109

 

Onze derde etappe: de aankoop van Melqui en vroem vroem naar het noorden door Bolivië, Peru en Equador. 

3 g

IMG_4200

 

Onze vierde etappe: met Melqui helemaal naar Ushuaïa met opnieuw Equador, Peru en Bolivië; maar bovenal Chileens en Argentijns Patagonië 

4 g

_DSC7380

 

Onze vijfde etappe: vier maanden werken in Valparaíso, Chile

5

__4

 

Onze zesde en laatste etappe: de grooooote, maar iets snellere, terugtocht naar België 

6

via Cordoba

via Buenos Aires

en via Iguazu

en met finaal toch drie ijzeren vogels tot in België …

 

Tot slot rest er ons nu, met terzelfdertijd heel veel weemoed én vreugd in het hart, nog een laatste boodschap aan jullie, onze trouwe bloglezers, over te maken: EEN WELGEMEENDE MERCI voor de maandenlange (en bijna jarenlange) opvolging van ons wedervaren.

Nu staan we voor avonturen die jullie minder vreemd zijn, dus bergen we de pennen op…

Maar waarde lezers, niet getreurd, want dit was vast niet ons laatste avontuur …

Advertenties

Ruwe parel aan de Stille Oceaan

Buenas tardes en goeie namiddag waardige vrienden,

 

Kom wat dichter, dichter, dichter, NEEN, te dicht.

Welkom in Valparaíso, mysterieuze havenstad, eeuwenoude piratenstad aan de Stille Oceaan.

Ik weet dat jullie enkel geïnteresseerd zijn in de exceptionele steden. Na onze verwennerijen van mooie beelden nemen jullie niet langer genoegen aan gemiddelde gemene delers. Jullie zoeken enkel uitzonderlijke bijzonderheden.

Wees dus niet ontgoocheld bij de eerste aanblik van deze vuile stad, maar doe zoals Maaike en Sam, en geef de plek wat tijd.

Verkijk je niet op het afval, de onafgewerkte gebouwen,

de modder in de straten na elke regenval,

de drukkende bruingrijze mist die over de heuvels hangt,

de duizenden manke straathonden die wij bijna bij naam kennen,

hetzelfde aantal dronken zwervers die we liever niet bij naam kennen,

de rommelige stinkende markt waar ze jullie het dubbel zullen aanrekenen omdat we er samen nu wel heel toeristisch uitzien,

de vreselijk eentonige almuerzo-lokalen met suizende TL-verlichting,

de kartonnen ‘huisjes’ op heuvels waar je met negentig procent zekerheid bestolen wordt of

de honderden afgebrande gebouwen zoals het bouwblok om de hoek, van onze groentewinkel en tweeënveertig families, dat vorige week nog in de vlammen opging door zelf gelegde elektriciteit in deze houten gebouwen.

Want zoals bij zovele geheimen is het niet de buitenkant, maar het innerlijke dat telt.

Dit is geen ordinaire stad waarin wij vier maanden leefden. Dit was ooit de belangrijkste havenstad langs duizenden kilometers lange kust voordat het Panamakanaal gegraven was. Dit was de stad van de rijke kapiteins en handelaars. Dit was de stad van de geile dronken matroos én zijn piratenbroeder. Dit was de stad van plezier na weken op droog zaad. Deze stad had altijd iets in petto voor elke portefeuille en elke smaak, from dusk till dawn.

Dit was “Dé parel van de Stille Oceaan”.

Om ons te laten verleiden door de stad moeten we omhoog langs één van de vijftien stadsliften (ooit waren het er vijf keer zoveel) en kronkeltrappen die ons tussen de gekleurde golfplaten huizen omhoog voert. Jullie zullen zien dat deze stad veel meer gezichten heeft.

Omhoog tikkend of klimmend verschijnt eerst nog meer bouwvalligheid die je van op straat niet zag, met op de achtergrond de haven waarvan je stillaan begint te twijfelen of ze nu echt lelijk is zoals je eerst dacht of er toch niet een toevallige esthetiek in aanwezig is, die een chaotisch harmoniespel speelt met alle kleuren die je omringen.

 

Het benedengebied van deze havenstad, dat nu onder ons tevoorschijn komt, was waar de rijken woonden en al het gepeupel klampte zich zo dicht mogelijk rond de commercie van deze rijke handelaars. Hun huizen bouwden ze met resten uit de havens op de modderige heuvels en de golfplaten beschilderden ze ter roestbescherming met restjes verf die ze naar believen mengden om een oneindig aantal verschillende kleuren te bekomen.

 

We wandelen telkens door andere verborgen trappen en steegjes over de 42 heuvels van Valparaíso, maar wanneer we plots opnieuw over hetzelfde pleintje lopen merken we dat deze stad zich transformeert en dat ze zowel mooi is onder de blauwe middaghemel, als bij het vallen van de avond op een druilerige dag.

Deze stad leeft niet in het verleden, zoals de UNESCO benoeming van het microcentrum jullie zou kunnen doen vermoeden. Meer tegengesteld aan onze thuis-MUSEUM-unesco-stad (waar we zo van houden) kan deze stad niet zijn. Er zit een grote basis aan esthetiek in haar verleden, maar ze is allesbehalve vastgeroest in de tijd. Haar echte schoonheid zit in de jonge culturele revolutie. De stad borrelt van de sociale projecten, straatmuziek en hedendaagse graffitikunst. Waar het ontbreekt aan een algemene conservatievisie, overkoepelend culturele programma’s en eerlijke sociale opvangnetten boomt het net aan privé-initiatieven: krotten worden opgekocht en op eigen houtje – en met veel moeite – heropgebouwd tot gezellige bars, hotels en winkeltjes; op de pleinen organiseren buurtcomités concerten voor de buren (en al wie het horen wil) en nu het winter is verdelen verschillende organisaties voedsel aan de armen. Wat jullie uiteraard vooral gezien hebben is de alomtegenwoordige graffiti.

In de stad lopen vele kleine sloebers rond die graag hun stoere gangsterTAG op alle gebouwen zetten en de bewoners hebben ondertussen door dat het eindeloos overschilderen als vechten tegen de bierkaai is. Ze begonnen gebruik te maken van de erecode onder de graffitiartisten dat je andermans werk niet overschildert. Aan gerenommeerde en nieuwe onbekende artiesten wordt de kans gegeven om tegen betaling van verfpotten, of meer, hun kunnen tentoon te spreiden en de gevels te beschermen. Het wordt een fantastisch amalgaam van schilder- en graffitistijlen op de kleurrijke golfplaten gevels.

Het resultaat van deze chaos is een levendige stad die zich herpakt na periodes van verval. Een stad die even kleurrijk is in haar politieke meningen en muziekgenres als in haar straatbeelden, waar je de ogen goed moet openhouden, want de nieuwe verrassing van vandaag kan in het kleinste hoekje zitten.

Eenmaal de schoonheid van zo dichtbij verkend wordt de stad je wat meer eigen, dus wanneer we nu opnieuw van iets verder kijken, zoals de zeelui van op hun schuiten in de baai, dan zal het beeld je meer bekoren dan mochten we meteen op deze boottocht gegaan zijn.

Nu is het tijd om bij te praten met Pisco-Sours en artisanale bieren, want ook daarvan heeft deze stad kaas gegeten. Als jullie echt willen weten wat deze “Parel van de Stille Oceaan” voor ons betekende zal je toch ook eens op reis moeten gaan. Of… heel binnenkort met ons enkele glazen moeten Chingen!

Chaos …

Voor het eerst in maanden komt het tijdsframe van onze blog dichter bij de realiteit. Reeds maanden proberen we bij te benen door aan hoog tempo onze avonturen met jullie te delen, maar ondanks onze wekelijkse verhaaltjes raken we maar moeilijk up to date.

Eindelijk is het dan zover: het verhaal van deze blog behelst de laatste maanden van onze nieuwe leefwereld.

Bij aankomst in deze nieuwe wereld heerst er grote chaos in ons hoofd omdat we ons voor het eerst in elf maanden zonder Melqui moeten verplaatsen, er is chaos in ons hoofd omdat we onze enige vaste structuur (ons klein gezellig rollend huis) hebben ingeruild voor een ander bestaan. We starten opnieuw een sedentair leven na 18 maanden rondtrekken. Het is niet gemakkelijk voor twee landlopers van het eerste uur, maar we verplichten onszelf een opwarmcursus voor het leven in België…

Tijdens onze vele kilometers in het zuiderse Patagonië, hadden we ruim de tijd om ons voor te bereiden op deze episode. We regelden reeds een vrijwilligerswerk, via de site Workaway die we al eens uitgetest hadden in Equador. Het is altijd aangenaam om aan te komen in een nieuwe grote stad en direct bij iemand persoonlijk onthaald te worden. Plaats van afspraak: Plaza Echaurren, gekend als één van de meest notoire pleinen van Valparaíso. Bij aankomst krijgen we meteen het ware gezicht van onze schunnige nieuwe buurt te zien: zwervers, dronkaards, daklozen, drugdealers en gauwdiefjes dralen, schreeuwen of staren voor zich uit tegen een achtergrond van bouwvallige krotten afgewisseld met klassieke gevels uit ver vervlogen gloriedagen… Kortom een wijk waar je niet te koop loopt met je spullen. Even die mooie grote camera opbergen. We krijgen bovendien de raad om niet te laat naar huis te komen, zeker voor blonde kleine meisjes is dit niet aan te raden.

Ons gastgezin bestaat uit Nathalie, haar man Guillermo en hun 14-jarige dochter Rayen. Het doet ons snel terugdenken aan onze tijd op de zeilboot met het Franse koppel en hun tienerdochter. De Zuid-Franse uitbundige Bourgondiërssfeer van toen  wisselen we deze keer in voor sober, eenvoudig en veganistisch. Met tonnen groentjes en fruit, tot acht verschillende soorten per maaltijd versterken we dagelijks onze inwendige zelf. Alles wordt geprepareerd in zijn puurste vorm. Olie, boter of kruiden lijken niet meer te bestaan. Kaas, melk, vlees, vis, wijn… zijn hier uit den boze. Ongelooflijk gezond, iets anders zullen we nooit beweren, maar als Bourgondiërs kunnen we niet ontkennen dat een beetje meer smaak en afwisseling voor onze geestelijke gezondheid geen overbodige luxe is.

Op voorhand was niet afgesproken welke taken we precies op ons zouden nemen, noch welke delen van het huis extra zorg nodig hebben. Het enige wat min of meer vastlag, was de lengte van ons verblijf. We zouden vier weken ter plekke blijven. Gaandeweg, na enkele dagen met ons vingers te draaien, wordt duidelijk waar we mee kunnen helpen. De gastvrouw heeft niet zo veel structuur in haar huis noch in haar ideeën. Uiteindelijk installeert Tim samen met Nathalie ontbrekende raamprofielen en gevelbekleding terwijl ik een klein slaapkamerplatformpje vorm geef met de aanwezige houtvoorraad. Het hout dat dienst doet voor mijn opdracht ligt verspreid over alle mogelijke en onmogelijk plekken in huis: het terras beneden, het balkon boven, in drie werkkamers, in de kelder die omgebouwd is tot atelier, op de koer…  Bovendien blijkt de helft van de balken te lijden aan een Zuid-Amerikaanse variant van houtworm. Daarnaast proberen we het nijpend ruimtegebrek op te lossen door verschillende katrolsystemen te bevestigen: één voor de fiets en eentje voor het wasrek. Afwisselend moet het dak zo snel mogelijk afgewerkt worden! Want De Regen komt eraan! Dat is duidelijk: iedereen in Valparaíso zit op zijn dak, gaten te vullen, structuur te herstellen, plastieken zeilen te bevestigen… Het levert een ongelooflijke sfeer op: met zijn allen op de daken van de kleurrijke stad! Nathalie haar dak bestaat uit verschillende lagen rubberverf met daartussen een aantal lagen stof, die blijkbaar ook in de bootindustrie gebruikt worden. Er moet dringend extra verf en extra stof besteld worden, want de voorraad is bijlange na niet strekkend. Bijkomende moeilijkheid: er mag niet geschilderd worden wanneer het dak nog vochtig is, noch wanneer de zon schijnt en noch wanneer het te warm is. Deze onmogelijke beperkingen proberen we te gemoed te komen door te schilderen tijdens het ochtendgloren en de laatste uren van de dag net voor de nachtvochtigheid opnieuw toeslaat. Alle hens aan dek!

Dit volledige huis straalt chaos uit. Laten we een wandeling maken door dit puntige hoekhuis bovenop Cerro (heuvel) Cordillera. Al bij het binnenkomen, wordt de bezoeker uitgedaagd zich een pad te banen tussen de honderden spullen die de gang rijk is: zakken aarde, lege potten verf, drie fietsen, verscheidene metalen raamprofielen die wachten tot ze geïnstalleerd worden … Eenmaal aangekomen in de eetkamer/living moeten we onze ogen zover mogelijk opensperren om niet over onze eigen voeten te struikelen. Het licht sijpelt doorheen de ramen aan slechts één zijde van de leefruimte, zich bochten banend door gordijnen, sjaals, handdoeken en prularia uit de vier windstreken. De eettafel staat gedrongen tussen dressoirkasten, de bar van de keuken en de kolommen in het midden van de ruimte. Het huis puilt uit van de overvloedige spullen: boeken die niet worden gelezen (maar noodzakelijk 30 jaar bewaard worden), kledij van twintig jaar geleden die ligt de verkommeren … Ik word versmacht… Wij krijgen gelukkig onze eigen kamer toebedeeld en daar proberen we alle overgebleven spulletjes uit Melqui te ordenen, maar orde en rust creëren is niet evident.

Er is niet alleen letterlijk te weinig ruimte. Ook figuurlijk krijgt ons hoofd te weinig plaats. In ons eigen hoofd heerst de chaos van het einde van een nomadenleven, maar ook het hoofd van Nathalie lijkt op een woelige zee. Tijdens elk onbewaakt moment katapulteert ze haar persoonlijke geschiedenis op ons af, van ‘s morgens tot ‘s avonds, van aan de ontbijttafel tot aan het veganistische avondsoepje. We doen een poging om de luistershiften te verdelen tussen ons, zodat we niet beiden volledig tureluur worden, maar we moeten dringend uit onszelf en dit huis breken.

Tussen de werken bij Nathalie door vangen we de zoektocht naar een nieuwe woonst aan. Alle immosites worden afgeschuimd naar betaalbare plekjes. Valparaíso kan enerzijds een heel goedkope maar anderzijds, vanaf een minimum aan kwaliteit, ook een heel dure stad zijn. Na een eerste ronde zijn we nog niet echt tevreden met hetgeen we te zien krijgen.

We gooien het over een andere boeg en dankzij Nathalie treffen we op huizenzoektocht onze huidige baas. We komen in contact met de Consul van Oostenrijk die toevallig architect is. De man woont al 25 jaar in Chile, is getrouwd met een Chileense dame en zit al drie decennia in de bouwwereld. De ideale man dus om eens een babbeltje mee te slaan.

Het is niet gemakkelijk om hem te bereiken. We staan verschillende malen aan de deur van het Oostenrijkse consulaat, bellen menige malen, maar we krijgen niemand aan de lijn. We zijn volharders, slaan hem uiteindelijk na vele malen aan de haak en een afspraak volgt. Zoals verwacht is er een sympathieke chaos in het gesprek en springen we dus van de hak op de tak. Er wordt gepraat over zijn reis, over onze ervaring, over welke projecten hij heeft …

Al snel blijkt dat hij een heel joviale man is. In het begin is de conversatie nog een beetje verkennend, leek hij niet meteen werk voor ons te hebben en polsten we naar mogelijke jobs bij collega’s. Na een kwartiertje had hij misschien toch werk voor één persoon en kon hij ons misschien ook op een ander vlak helpen… Het was wat moeilijk voor hem om ons volledig uit te betalen, maar hij kon ons voorzien van een woonst: een kleine maar smaakvol afgewerkte duplex.

De eerste echte verhuis na Melqui is snel beklonken. We doen ons best om al onze spullen die we onderweg verzameld hebben in twee rugzakken te plooien en de rest in vier kartonnen dozen te duwen.

Er komt voor het eerst een beetje rust over onze ziel. We horen dat Melqui het goed doet. Wij verlaten het grote overvolle huis van Nathalie en installeren ons in ons eigen plekje! Wat doe je als alles eenmaal rustig aanvoelt? Vrienden uitnodigen natuurlijk. Onze placebo-ouders die we ontmoet hebben in Chiloë komen op bezoek en een Belgisch-Colombiaans koppel, die we geïnspireerd hebben om ook een Combi te kopen, komen langs. Maanden van bezoeken en bezocht worden, kunnen beginnen!

Na het eerste zenmomentje, blijven we toch een beetje hangen in onze vertwijfelde gevoelens. Chaos steekt de kop weer op. Welk werk we moeten we nu precies moeten doen? Welke projecten zullen belangrijk zijn in de oneindige veelheid? Wat is het doel van de projecten? Waarom worden we altijd zo laattijdig geïnformeerd over de duizenden koerswijzigingen? Waarom heeft niemand structuur? Waarom neemt niemand hier ooit verantwoordelijkheid? … Dit zijn slecht enkele vragen in ons hoofd die tonen hoe het er hier aan toegaat.

Verder heerst chaos omdat we niet goed weten wat we willen: willen we hier werken? Zoekt de andere nog ander werk? Willen we misschien toch nog verhuizen naar Santiago en bij een bekend bureau aan de slag? Alles lijkt open te liggen. Na enkele weken tobben, volgt een avond in een gezellig café met een glaasje wijn en een bordje olijven. Bijna in koor komt een ander sentiment naar boven. “Is het geen tijd om vaste grond te zoeken in België? Willen we niet opnieuw onze architectuurkwaliteiten laten zegevieren in eigen land, in onze eigen taal? Willen we onze vrienden niet al lang terug zien? Misschien willen we toch samen met onze familie eens een goeie barbeque houden in de zomermaanden?” Sinds die gedachte uitgesproken is, is het moeilijk om nog te denken over Santiago of over andere plekken dan thuis.

Na alle chaos is de kogel dan toch door de kerk. Onze reis kreeg plotseling een einddatum, voor het eerst ooit. Het was fantastisch om te kunnen reizen zonder die vermaledijde einddatum. Want het hoofd speelt toch altijd rare spelletjes met zichzelf. “We zitten al in een kwart van de reis, in de helft, over halfweg … o nee, het einde is in zicht en we moeten al naar huis.” Neen, dit hebben we in ons chaotische hoofd gelukkig niet gehad. We genoten van elk moment zonder ooit een timing te projecteren en nu genieten we ook van onze laatste weken hier, tussen de nodige chaos door, en kijken we er ongelooflijk naar uit om midden augustus op Belgische bodem te landen!

Op een verloren maandagmiddag tussen drie en vier, zitten Tim en ik beiden te werken in ons afzonderlijk kantoor. Tim krijgt telefoon van Michi (onze baas heet officieel Michael, maar iedereen noemt hem Michi, dus wij ook). “Heb je zin om mee te vliegen?” “Huh, ja?!” Tussen de regels door hadden we al gehoord van de extravagant hobby’s van onze baas. Hij houdt ook van zeilen, van moto’s en ook van sportvliegtuigjes. Hij vindt het altijd aangenamer om gezelschap te hebben op zijn vluchten. Zo gebeurde het dus dat wij op die maandagavond, net voor zonsondergang, boven Valparaíso vlogen in een mini-vliegtuigje ter grootte van een auto. Wow, er ging toch wat adrenaline door ons lijf toen we over de zee zweefden en er plotseling wat turbulentie was.

Tot slot moeten we den baas ook uit de problemen helpen. Hij gaat met zijn gezin voor een maand op reis naar Afrika. Normaal werkt er een dame fulltime in hun huis voor onderhoud, voor de huisdieren (Laika, de labradorhond en Elliot, de lieve huiskater), voor de maaltijden, voor de planten … Maar die persoon heeft hen net verlaten. Met de handen in het haar komt hij naar ons met de vraag of wij een maand op zijn huis en huisdieren willen letten. Natuurlijk!

Wees welkom in ons klein kasteeltje op de heuvels van Valparaíso.

Ook echte reizigers zijn bang voor het onbekende….

Maar dat duurt niet lang

 

Ook Melquiades kan angstig zijn. We hadden dit soort bedenkingen nog maar enkele weken tevoren weggelachen. “Melqui… bang?? Wat een onzin. Hij is almighty en zet immer door!” Maar met een universeel traumatische gebeurtenis hadden wij, meedogenloze slavendrijvers, geen rekening gehouden: verlatingsangst….

Wij beleefden zoveel avonturen samen en nu… zou daar een eind aan komen. Sam en Hannah, onze vrienden uit Tierra del Fuego werden bij ons afscheid aan de ranch van Ranquilco niet enkel verliefd op Melqui, maar ze wilden eigenlijk wel een avontuurtje met hem wagen! We hadden slechts vijf minuutjes overleg nodig om een deal te sluiten. De enige fout die we maakten was deze deal binnenin Melqui te voeren. Hij moest niet al te veel moeite doen om ons af te luisteren.

_DSC3325

We nemen afscheid van onze vrienden en spreken een week later in Valparaíso af voor de grote overname van onze ‘leefwagen’. Een uur na het uitzwaaien rijden we met ons drietjes van de onmogelijke zandwegen af en het is alsof Melquiades deze tijd gebruikte om de nieuwe werkelijkheid te laten bezinken.

Het resultaat: plots is het onmogelijk om omlaag te schakelen. Een half uur later is het af en toe onmogelijk om zelfs omhoog te schakelen. Nog een half uur later vertoont het schakelen bijna continu problemen en dat met nog 1500 km en een pas van 2550 m te gaan. We bezoeken enkele mekaniekers in kleine dorpjes die kleine verbeteringen kunnen doorvoeren, zoals wat olie bijvullen in de versnellingsbak en de koppeling meer aanspannen, maar dit blijken slechts doekjes tegen het bloeden. We hebben een grondige studie van de auto nodig, maar feestdagen zijn heilig in Zuid-Amerika, dus de volgende drie dagen staan we er alleen voor.

De volgende ochtend staan we op met wilde haren, gooien onszelf en de tank vol en wagen het op een gokje doorheen de volgende 600 km niemandsland in noordelijk Patagonië. Alles lijkt in het begin ‘behoorlijk’ te verlopen bij zo weinig mogelijk schakelen. We lekken echter meer versnellingsolie dan verwacht en moeten onderweg bij verscheidene eenzame boerderijen op zoek naar extra olie. “Eureka!” voor alle lieve mensen in Argentinië, want we worden enkele malen spontaan geholpen.

We raken uiteindelijk de Argentijnse en Chileense grenspost Pehuenche over. Dat betekent dat we met een minimum van schakelen ook de pas over komen waarna het nog ‘enkel naar beneden’ is. De hindernis lijkt bijna overwonnen, maar zoals een hond die voelt dat zijn baasje op reis gaat, eist Melquiades alle mogelijke aandacht. Net de grens over en klaar voor de nacht slaan we onze klapdeur met de gangbare ‘onzachte’ kracht dicht en… ze gaat aan diggelen.

De volgende 600 km richting Valparaíso worden gekarakteriseerd door een opbouw aan vreemde geluiden. Eén ervan is een zwaar ritmisch geklop dat al enkele duizenden kilometers slechte wegen aanwezig was, maar nu toch wel heel hard in volume toeneemt. We nemen voor de zekerheid toch maar een fotootje van de Chileense ‘touring wegenhulp’ langs de autostrade.

Volledig verslagen komt Melqui aan in Valparaíso. Met roulementen tot op de tand versleten en met nauwelijks werkende versnellingen die zwaar metalen geluiden produceren bij elke schakeling, rijden we de kleurrijke slingerende straten van de ‘Parel van de Stille Oceaan’ steil omhoog. Elke beweging doet pijn en nauwelijks komt Melqui op zijn bestemming aan.

 

Het mag een wonder heten dat Melquiades exact één week later klaar stond voor zijn volgende avontuur! Een combinatie van heel veel genegenheid en qualitytime – waar hij zo naar uitkeek -, de juiste contacten via Volkswagenliefhebbers, het vervangen van alle pijnlijke gewrichten (inclusief een muis uit een ander blogverhaal dat in zijn luchtwegen bleef steken) én de mateloze kennis en ongeziene efficiëntie van Maestro Peca en zijn kornuiten.

 

We grijpen de buitenkans van de werken meteen aan om Sam en Hannah de binnenkant van Melqui te laten aanschouwen en hen rechtstreeks van de professionals te laten horen dat de dood gewaande MELQUIADES DE ONVERWOESTBARE klaar stond voor nieuwe avonturen!

IMG_7953

De daaropvolgende dagen spenderen we met ons vijven. Plezier en werk worden deskundig afgewisseld. Avonden uit om de geest te verlichten na geconcentreerd Photoshopwerk. Toeristische uitstappen tussen het opruimen van Melqui door. Een avondje Rodeo in Rancagua na een stevige dag praktische informatie uitwisselen. Lessen in automechaniek in wondermooie valleien. Melquigeheimen uit de doeken doen met jaren ‘80 rockmuziek ‘on the slow lane’. Betalingen regelen in wegrestaurants en ’s nacht idyllisch kamperen.

 

Tot we bij de grens tussen Chili en Argentinië aankomen, we Melqui een laatste keer buitenrijden en… na een halfuur weer binnenrijden om Melquiades definitief over te zetten op naam van Hannah en Sam. Bijna lijkt alles fout te lopen, maar na ruim een uur uitleg omtrent de documenten is het dan zover. WIJ twee rijden Chili binnen als passagiers in Melquiades. Nu moeten we echt afscheid nemen van onze dappere vierwieler. We laten een mooi aandenken na. Én zij, moeten Melqui leren kennen op hun eigen manier.

 

Met Melquiades blijven we voor altijd vrienden, maar reispartners zijn we niet meer. Dat zijn vanaf 3 april, hoog op de Vergaro-pas, tot op de dag van vandaag, Sam en Hannah! De juiste reispartner vinden is één van de moeilijkst dingen ter wereld. Net zoals zijn voormalige vriendjes slaagde Melqui er echter opnieuw in de beste reisgenoten ter wereld te vinden.

_DSC3810

 

Vandaag, 17 juli, zijn ze klaar om de stoerste Volkwagenvierwieler van Latijns-Amerika opnieuw naar Panama te varen vanuit de piratenstad Cartagena in Colombia! Eenmaal over de Caribische zee resten slechts enkele duizenden kilometers om Melqui zijn thuisland Mexico te laten bereiken! Dat zijn avontuur daar niet eindigt, daar zijn wij alvast zeker van!

 

Het ga je voor de wind liefste vriend Melquiades!

Zorg goed voor deze onsterflijke bus, avontuurlijke makkers!

Bienvenidos a Ranquilco

“Jullie moeten gewoon naar Onze Plek komen waar we vrijwilligerswerk doen, nabij Neuquén, Zuid-Argentinië!!! Dit is Dé meest geniale plek die wij tot nu toe in het volledige continent gezien hebben. Het is het einde van het seizoen, dus de bazen vinden het niet erg als jullie een dagje komen. Om hier te raken, moet je het volgende doe:.

Rijd naar het godvergeten mini-dorpje El Huecù. Neem aan het einde van het dorp de grindweg links, die leidt stevig omhoog. Volg dit wegje tot wanneer je niet meer stijgt. Sla dan vanaf je kan linksaf. Neem steeds de meest bereden zandweg. Als er keuze en twijfel is, neem altijd de meest rechtse weg. Volg dat pad voor een halfuurtje, misschien 40 minuten met jullie auto. Onderweg zien jullie misschien enkele gaucho’s (paardenmenners) en enkele van hun hutjes. Bij twijfel kan je de weg aan hen vragen. Als jullie een dubbele poort treffen, is dat een goed teken. Ga er door, en sluit de poort opnieuw. Rijd opnieuw een halfuurtje. De weg slingert een beetje ophoog en omlaag, een beetje naar links en naar rechts, maar op het einde kom je op de eerste Estancia aan. Daar kom ik ook naartoe. Want daar laten we jullie auto achter en wandelen we nog drie uur over de heuvels heen. We zien elkaar over 3 dagen om 14u ’s middags…”

Dit is de uitnodiging die we van Hannah en Sam – onze nieuwe hartsvrienden uit Vuurland – ontvangen om naar de Estancia Ranquilco te gaan (http://www.ranquilco.com/). Daar moesten wij als twee avonturiers toch meteen op ingaan? Dit is gewoon de mafste uitnodiging die we al gekregen hebben op deze reis.

We gaan de uitdaging aan om daar op tijd te raken, niet evident met deze omschrijving, maar tegelijk noodzakelijk aangezien je hier nog met rooksignalen moet communiceren. Het dorp vinden, gaat gemakkelijk. We polsen nog even bij de lokale kruidenierswinkel naar de weg. Even dubbelchecken kan nooit kwaad. Ze bevestigen de route van Hannah. De route naar boven, treffen we gemakkelijk, maar eenmaal boven zijn ze toch even in de war. Wanneer precies moeten we nu linksaf slaan? Passeerde we reeds de afslag of is het nog een beetje verder? Wij rijden nog even door en komen een mini huisje tegen.  Tim stopt het busje, ik spring uit, maar daar komen al snel twee gigantische loebassen af om hun terrein te verdedigen. Snel terug de auto in. Wisselen van rol. Tim gaat uit de auto en stapt het erf op. Aan het einde van het pad staat een man uit te kijken wat er zal gebeuren. Hij gaat het huis binnen, en keert na een paar seconden terug. Hij heeft een knuppel in de hand. Ok, op het platteland moet je jezelf verdedigen blijkbaar… Ik bedenk meteen scenario’s in geval dat de situatie uit de hand zou lopen. //Ik spring achter het stuur, start de auto vliegensvlug, schakel in achteruit, ga met gierende banden op het erf, en Tim kan net op tijd in de auto vluchten alvorens de man attaqueert. En dat met een 41 jaar oude Volkswagen Combi!// De man antwoordt uiteindelijk na vier keer herhalen onze vraag in welke richting we uitmoeten. Eerst zegt hij rechtdoor en dan verandert hij van idee: terugkeren en het andere pad nemen. We zijn een beetje in twijfel, maar beslissen toch terug te keren en dat eerste pad in te slaan.

De rest van de route gaat min of meer zoals beschreven in de mail. Onderweg treffen we inderdaad verschillende gaucho’s die ons – natuurlijk – om drank vragen. Uiteraard… hebben we er geen bij. Na een grote 50 minuten komen we zoals aangekondigd aan bij de dubbele poort. Hoera! Door het eindeloze glooiende landschap haasten we ons zoveel het kan want de ondergrond is toch wat minder vlak dan gewenst. Rotsen, leischilfer, diep uitgesneden zand. Interessante route!

Zoals het echte Europeanen betaamt, komen we stipt om 14u aan en komt Hannah ook net gezwind over de heuvel aan de horizon aangewandeld. De eerste Estancia is zoals een paardenranch er hoort uit te zien. Verscheidene gebouwen over het terrein verspreid, geen enkele barak afgewerkt, het erf ligt er bij alsof er een ontploffing heeft plaatsgevonden, alles ziet er vuil en versleten uit, en tot slot komt de vrouw des huizes afgewandeld met haar zoontje hand in hand, moeder met tot de naad versleten schort en zoontje naakt en roetzwart. Na wat verkennende minuten worden we vriendelijk maar kordaat onthaald. Wij rijden heel langzaam door en de zoon vliegt aan de borst. We rijden nog even verder over de steeds ruwere en steilere route, laten de auto achter op een heuvelrug in the middle of nowhere en vervolgen onze tocht te voet in de blakende zon tot aan een rivier die we moeten doorwaden. Op de heuvel aan de overkant van de rivier zien we een kleine Akropolis. Bestemming bereikt!

Waar de eerste Estancia voldoet aan alle clichés van de vuile oude boerderij, overtreft de tweede Rancho alle mogelijke tegenovergestelde verwachtingen. Het eerste iconische beeld dat we te zien krijgen is de rustieke poort die de slogan ‘Bienvenidos a Ranquilco’ draagt. De warme welkomstwoorden die elke bezoeker, geel van het opwaaiende zand, het gevoel heeft in een veilige haven aangekomen te zijn. Daarachter een brede geordende laan met cipressen waarlangs de bezoekers geleid worden naar de verschillende gebouwen die de rancho rijk is: het kasteeltje waar de toeristen verblijven, een bijgebouwtje waar de eerste voorraad wordt weggelegd, een hangar voor de paarden, een hutje van de plaatselijke housekeepers, het pand waar alle vrijwilligers worden ondergebracht en ga zo maar door. Alles straalt grootsheid uit. Ook de volledige route vanaf het dorpje El Huecù blijkt reeds op het eigendom te liggen en dan hebben we nog maar een glimp opgevangen van het volledige domein, dat de grootte heeft van de provincie West-Vlaanderen.

We kunnen even proeven van een wereld die de onze niet is. Een wereld waar paardenliefhebbers enkele duizenden dollars neertellen voor een meerdaagse uitstap met de lokale getrainde paarden. Ze worden verwend in de chateau en kunnen door het raam van hun kamer genieten van een adembenemend uitzicht over de ongerepte vallei. Tijdens ons tweedaags bezoek transformeren we van undercover bezoekers naar mede-vrijwilligers en helpen de Californische eigenaar TA een handje bij het vervoeren van een paar honderd kilo grind om beton te maken.

De langzame route die ik zonet beschreef, is de enige toegangsweg naar deze verborgen vallei. Je kan je dan ook zonder probleem inbeelden dat het niet evident is om bouwmaterialen ter plaatse te krijgen. Alles wordt met paard en kar vervoerd of met de ene grote tractor die geen handrem meer heeft en waarvan de embreage niet al te goed meer werkt.

Wat even ‘snel op en af rijden en wat scheppen’ moest worden, werd een tergend lange werkdag. Alles begon met de tractor op de plaats in de rivierbedding krijgen die net de goeie groottes van kiezels bevat. Vlot tot daar… De tocht met de gevulde tractor door de rivier, op de steile oevers en omhoog de heuvel op, is andere koek. Over één kilometer doen we zowat zes uur en uiteindelijk belandt slechts de helft van de vracht boven.

Gelukkig wordt ons ‘harde’ werk beloond. Tijdens de eerste avond worden we getrakteerd op een speciale lokale barbecuewijze. Vers geslacht geitenvlees, zonder rigor mortis, wordt gespitst naast het vuur neergepoot om de komende drie uur zeer langzaam gaar te braden. Met de nog aanwezige vrijwilligers toosten we mee op een geslaagd seizoen (ook al kwamen we net aan).

De tweede avond wacht ons een andere verwenningskuur. Doorheen het uitgestrekte landgoed loopt een rivier, en langs deze rivier werd er enkele jaren geleden een primitieve houtsauna gebouwd. Naast een massieve steenwand, in het maanlicht en met het geluid van kabbelend water op de achtergrond ontsteken we het vuur en vijf minuutjes later wanen we ons in een exclusief spa-resort. Ons zweet spoelen we af met een plons in het frisse rivierwater.

Als echte gentlemengastheren en -vrouwen wandelen ze ons de laatste ochtend van ons verblijf uit, opnieuw de tocht doorheen de rivier en twee uur door de blakende zon omhoog tot aan ons liefste vervoermiddel en trouwste reisgenoot, Melqui. Het is voor hen de eerste keer dat zij ons mobiele huis in levende lijve zien en ze worden spontaan verliefd…

Door de pampa’s van de Reuzenvoeters

Heeeel heeeel lang geleden (in dit vluchtig internettijdperk, zo’n drie maand geleden) in een land heel ver hier vandaan, bewogen drie stipjes zich over de eindeloos desolate pampa’s. Het land heette Patagonië en was genoemd naar zijn oorspronkelijke bewoners, de Patagónen of Reuzenvoeters. Gevreesd werden ze door iedere bleekhuid die deze woestenij wou doorkruisen. Terwijl dit Nieuwe continent gekoloniseerd werd door koningen en schattenjagers, werd dit territorium uit doodsangst (en omdat het er ijskoud en oersaai is) vermeden.

Nu trokken onze drie grootse helden door dit woeste weidse winderige landschap op zoek naar het land van chocolade, wijn en de route van de zeven meren.

De voorgaande drie etmalen waren dankzij het lot volgestouwd met royale tafelmomenten in het LAND VAN VUUR. Festijnen tijdens dewelke onze helden hun mythische tocht van meer dan 500 dagen (of 17 maanden) naar het einde van de wereld in het flikkerende licht van haard- en asadovuren proclameerden aan landheren, verre reizigers, dichte vrienden en simpele boeren, zonder onderscheid in rang noch stand.

Zoals in alle spannende epossen werden onze protagonisten gedreven door diepere krachten om opnieuw op tocht te trekken. Ze hoorden het krakende ijs uit de polen naderen. De wind waarschuwde hen ´s nacht, die wind van VUURLAND die praten kan. “Vluchtvlchtvlhtvh… Winter is coming.”

 

Zo kwam het dat deze drie helden zich doorheen het land van de Reuzenvoeters waagden. Prins Rubio, prinses Gringita en hun stalen paard Melquiades – die ondertussen twijfelde of hij nu in 100 jaar eenzaamheid, Don Quichote of in deze sage thuishoorde. Ze tuurden continu in het rond bij het doorklieven van dit onherbergzame landschap, waar de wind je als een reuzenborstel permanent naar de Atlantische oceaan veegt.

Na duizenden kilometers over dit desolate terrein begon het hen te dagen dat ze nog geen enkele van die Reuzenvoeters uit de mythes van de Spaanse voorvaderen ontmoet hadden. Misschien gelukkig maar, als de geruchten uit het grote boek van de wereldreiziger Magallanes uit 1520 op waarheid gebaseerd waren. (Patagonië heeft een bevolking van 600.000 personen buiten de 15 grootste steden verspreid over 1.043.000 km2 of een dichtheid van 0.57 personen per km2 in vergelijking met de dichtheid van België pers. 371/km2). Onze helden reden zoals echte cowboys makkelijk 500 km van nederzetting tot nederzetting, maar de mythische bewoners van dit land waren niet meer…

Geen Reuzenvoeters dus, maar wel vogels en zoogdieren die in de zee en op het land leven!  Dieren zoals Magallanes Pinguïns, Zuidelijke Rotspinguïns en Zeeleeuwen, wonderlijke beesten. Daarnaast werden nog andere algemene zekerheden verbrijseld. Het onderscheid tussen hout en steen werd onderuit gehaald bij het Versteend bos van Sarmiento (Bosque Petrificado). Bomen van miljoenen jaren oud die omgetoverd waren tot steen.

Het drietal ontdekte dat vreemde mechanische paarden de grond aan het leegzuigen waren en besloten zo hard ze konden te vechten tegen deze moderne windmolens! Onverschrokken zetten ze hun tocht verder, behalve wanneer er grote gevaarlijke muizen in de buik van Melquiades hun nachtrust tot in de vroege uurtje verstoorden. Prins Rubio besloot prinsesje Gringita te redden en zette vernufte vallen uit om de huiveringwekkende monsters te vangen!

Na de loodzware tocht door de woestenij zien onze helden eindelijk de silhouetten van de langste bergketen ter wereld opnieuw. Er leek gedurende de tocht maar geen einde aan de eindeloze horizon te komen, maar eindelijk arriveren ze onder de vleugels van de Andes. Hier was alles opnieuw groen en het water uit de meren drinkbaar.

Ze laten zich overdonderen door de schoonheid van de Merenregio en kunnen opnieuw volbrengen waar ze goed in zijn. Relaxen, drinken, heerlijk eten, vrienden bezoeken en heldenverhalen vertellen. In El Bolson met een vreemd volkje dat zichzelf Hippies noemt, in Bariloche bij een grootmeester en diens leerlingen die graag meer horen over de wereld en over onze helden, in San Martin de los Andes bij een medeavonturier uit Perito Moreno en tot slot in The Middle of Nowhere met vrienden uit HET LAND VAN VUUR die een boontje voor Melquiades hebben…

Maar dat ridderlijk verhaal is alweer voor de volgende keer.

Aan het einde van de wereld

Vertoeven de beste vrienden

WAKE UP CALL aan de vermoeide reizigers! Hé jongens en meisjes, jullie hebben het recht niet om moe te zijn!! Jullie mogen nog geen heimwee hebben naar thuis. Er wacht nog heeeel veel natuurpracht op jullie. Hoe konden we er nog maar gedacht hebben om Tierra del Fuego of Vuurland niet te bezoeken?

En dus beslisten we, na het blitse bezoek van Wouter, halsoverkop om alsnog de tocht door het betoverende Vuurland aan te gaan.

Eigenlijk hadden we niet het minste idee wat daar te bezichtigen viel. Maar één ding stond vast: we zouden en moesten koningspinguïns zien!!!!! Jawel, als grootste fan van Fluppie, wou ik zijn broertjes en zusjes in levende lijve zien...

Op een godvergeten donderdagavond komen we om 18u aan in Punta Arenas. De laatste grote stad alvorens de leegte begint. Deze stad telt slechts één camping waarop maximaal zeven tenten passen in een gore minituin, tussen alle achtertuinen van de buren in. De aantrekking van de camping: het kookvuur (van hetzelfde type als bij Emilia) in een keukentje van vier vierkante meter waar iedereen rond en bij elkaar kruipt om de ijzige koude buiten te sluiten. Aan die ene keukentafel waarrond je maar net met zes personen plaats kan nemen en je dan niet meer kan verroeren, daar gebeurt de magie, daar treffen we gelijkgezinden die ook op avontuur naar die grote pinguïns wilden!!!

Met ons favoriete vervoersmiddel steken we de straat van Magallanes over naar het laatste land van de wereld! Jieha nog eens op de boot naar VUURLAND.

Gelijkgezinden, soort zoekt soort, alle onafhankelijke reizigers op weg naar de pinguïns, treffen elkaar meteen op deze tocht. Het is alsof we elkaar ruiken: wij, Sam & Hannah, een jong Koppel Duitsers Paula en Timo, Ed uit New York die er voor het eerst alleen op uit trekt (met alle noodwendige problemen van dien) en de Fransman Loïc met het bijzondere talent om als eerste in het water allerlei wonderen te spotten. Orka’s in de verte en dolfijnen wat dichterbij!

De groep moet nog een beetje wennen aan zijn nieuwe constellatie, we weten nog niet zo goed hoe ons te gedragen. Aangekomen in het mini-dorpje Porvenir, aan de overkant van Punta Arenas, moet een bus gezocht worden. Er is niet zo veel keuze. De ene helft wil toch liften hoewel hier geen auto’s zijn en de anderen willen een veel te dure bus nemen … uiteindelijk gaan we na het nodige zoekwerk gewoon met zijn allen mee met de enige spotgoedkope gemeentebus die het eiland rijk is (en slechts 2 maal per week rijdt).

Na een busrit van twee uur staan we dan in THE MIDDLE OF NOWHERE aan een klein hekje. In de verte zien we twee afgeleefde containers staan. Is dit de befaamde plek waar we de enige koningspinguïns buiten Antarctica moeten zien?? Jawel. Een kwieke dame van middelbare leeftijd leidt ons in, in de wereld van die zwart-witte beestjes. Dit is de enige plek op het continent waar deze koningen langskomen om hun kleintjes (op) te voeden. Ze vertelt ons dat er twee groepen pinguïns zijn. Trippel trippel … ooo ooo ooo… waar zijn die beestjes??

Nietsvermoedend staan ze een beetje te staan aan de overzijde. Want dat is wat ze de hele dag doen: staan, slapen, wacht houden op hun kleintje, een beetje waggelen en roddelen, roddelen, roddelen… Zo lijkt het ons toch… In werkelijkheid is er telkens een van de ouders op jacht naar visvoer. Schitterend om dit natuurwonder van zo dichtbij (vanop 20 meter) in hun natuurlijke habitat te kunnen treffen. Missie geslaagd!

Zoals altijd met snel gemaakte vrienden, scheiden de wegen snel en de groep wordt een beetje kleiner. De acht kleine Chineesjes worden er al snel zeven, wanneer de Fransman nog diezelfde avond terugkeert. De zeven padvinders gaan op pad om een plekje te vinden om te kamperen. Ooo waar zullen we een plekje vinden om te slapen (in een omgeving van kilometers en kilometers prachtig NIETS)? Zoals echte vluchtelingen zetten we ons kamp langs de baene op.

De zeven kleine Chineesjes dunnen de volgende ochtend uit tot vijf. De twee sympathieke Duitsers hebben andere plannen. Maar wij gaan met ons vijven naar het hart van Vuurland! Daar waar er niets meer is. We hadden de avond ervoor een deal gemaakt met de buschauffeur (dat doe je maar beter, aangezien er maar één bus per week passeert) om ons op te pikken, in ruil voor een warme tas koffie. Zo gezegd zo gedaan. De man krijg zijn warm bakje troost en wij hopten op de bus. We passeren langs enkele mini-dorpjes, lege grasvelden, maar ook door enkele quasi volledig omgelegde bossen. Het verschrikkelijke werk van bevers. Deze beestjes zijn hier ooit gekweekt omwille van hun pels, maar aangezien ze in het verre zuiden de vijanden uit Noord-Amerika missen, poepen ze gelik de… bevers en knagen ze alle bomen van Vuurland om.

Tegen de middag worden we afgezet aan Lago Blanco, het middelpunt van Vuurland waar geen enkele normale sterveling iets verloren heeft. Het is er ijzig koud, de wind loeit hard rond onze oren en we wandelen verder tot aan de waterkant. Ed, de vrolijke Amerikaan, verkiest een hutje boven zijn tent, dus hij wandelt de andere kant op. Toen waren ze nog met vier.

Het zonnetje begint door het wolkenpakket te priemen. Een ranchero van een van ’s werelds meest desolate Estancia’s, komt ons welkom heten alvorens hij er weer even snel vandoor sjeest op zijn quad. Deze middag is de meest perfecte die we ons kunnen wensen: aan het einde van de wereld, aan de oevers van het meer, in het zonnetje met een kampvuurtje voor ons alleen. De dames met een boekje in de hand. De jongentjes beleven hun kinderjaren opnieuw en kunnen samen de clown uithangen…

Nu hangt het van onszelf af, geen bussen meer, we moeten liften zonder auto’s. Bij het water smeken we voldoende lang om één lift te versieren tot aan de grens. Met ons vier, Sam & Hannah en ik & Tim, beginnen we vol goede moed aan de dag. Maar het wordt een dag van wandelen en wandelen en wandelen. We hadden het eerst niet geloofd dat we aan het einde van de wereld zaten omdat alles, dankzij het toeval, zo vlot verlopen was. Maar nu kwam echt niemand meer langs… En maar liften en maar liften. Niemand kwam en niemand nam ons dus mee. Op de beats van Kraftwerk’s We are the robots stappen we een hele dag met ons vier. 38 km later, 8 uur later en 5 blaren meer, houden we uiteindelijk halt. Een schitterende dag om vriendschap te smeden.

Hinkend en pijn verbijtend gaan we de volgende dag opnieuw op stap. De twee vrolijke mannen van ons gezelschap gaan op verkenning bij één van de vele estancia’s die Vuurland rijk is om water te halen. “Ze blijven maar weg, vermoedelijk weer praatjes makend met Jan en alleman”. Want geloof het of niet, Sam is een nog vlottere babbelaar dan Tim. Met een brede smile van oor tot oor keren ze terug. De vriendelijke Franse dame van het landgoed biedt eten aan in ruil voor een beetje bessengepluk. Tuurlijk. Er volgt een dag van gezellig kletsen met voormalige Europeanen in een setting die je doet dromen. Midden in een landschap van zacht glooiende weilanden, waar wilde paarden gemend worden door Rancheros en waar die Rancheros in de winter de wind horen fluisteren tot ze er knettergek van worden.

We werden door het meest desolate eiland ter wereld dus maar één dag echt op de proef gesteld. Op het einde van de geanimeerde middag biedt de landheer aan om ons mee te nemen richting de stad. Op dat kruispunt nemen we afscheid van onze nieuwe hartsvrienden, Sam & Hannah. Maar we voelen dat dit geen definitief afscheid is. Toen waren deze twee Chineesjes uiteindelijk opnieuw met zijn tweeën.

Onze duim gaat de lucht en deze weg biedt duizend keer meer auto’s. Vroem vroem, de tijd gaat snel voorbij en we hebben een afspraak. De eerste van een hele reeks. In het hol van Pluto, in Tolhuin, wacht een vriend die we ontmoet hebben in dat fameuze park Perito Moreno. Wat volgt is een hilarische feestavond met twee Fransen die ook toevallig diezelfde avond passeren. De verscheurende eenzaamheid van Vuurland dacht u?

“Neen, we kunnen echt niet meer dan één avond blijven, we hebben een strakke planning.” Ja die trekjes van thuis keren toch snel terug. We hebben slechts één dag om Ushuaïa te bezoeken. De meest zuidelijke stad ter wereld. TOERISTISCH!!! Zeker als je net vanuit het hartje van Vuurland komt. Er valt helemaal niets te beleven behalve het vreemdste dier ter wereld observeren van op de terrassen van de koffiehuizen: de Homo Turistibus. Heerlijk om net binnen die toeristische show van dikke Amerikaanse cruisescheeptoeristen aan te bellen bij vrienden, Betiana en Pavel.

Hup hup hup, het hoofdbezoek van onze reeks laat niet op zich wachten. Onze vrienden zetten ons ’s morgens vroeg af op de bus omdat we toch zeker op tijd willen zijn op onze volgende afspraak. Gilbert Pieters, de voormalige baas van Tims papa, nodigt ons uit om samen te lunchen en dat niet zomaar in Café de Tijger.  Het belooft meteen de chicste plek te worden die we gedurende heel onze reis zullen bezoeken. Opnieuw in diezelfde MIDDLE OF NOWHERE, waar we dus al eens passeerden op die befaamde wandeldag van 38km. Ditmaal niet als landlopers met trekschoenen aan, maar met speciaal voor ons geregeld 4×4 privétransport. Fantastisch om te midden van al die natuurkracht, in een behaaglijk interieur, verwend te worden met malse stukjes vlees en een onderhoudend gesprek in onze moedertaal. Onze bezoekenreeks wordt in stijl afgerond met dank aan een van onze trouwe blogvolgers! Dankjewel Gilbert.

Zo zien jullie maar dat het einde van de wereld niet iedereen kan verpletteren met zijn ongenadige eenzaamheid.